Vanillepudding met opgelegde kersen en peperkoek

Ingrediënten

  • 6 sneetjes peperkoek
  • 2 vanillestokken
  • 1 l melk
  • 12 eieren
  • 300 g rietsuiker
  • 150 g bloem
  • 100 ml room
  •  500 g rode kersen
  • 1 appelsien
  • 1 kaneelstok
  • 1 el maïzena
  • 400 ml koud water
  • 2 el honing

Bereiding

Verwarm de oven voor op 160 graden Celsius. Begin met de peperkoek. Leg een vel bakpapier op een bakplaat. Verdeel de sneetjes peperkoek over het bakpapier. Bak ze 30 à 45 minuten in de voorverwarmde oven tot de sneetjes krokant zijn. Opgelet: ze worden hard bij het afkoelen.

Scheid voor de pudding de eieren. Snij de vanillestokken overlangs in twee. Schraap de zaadjes uit de stokken en meng onder de suiker. Kook de melk op met de vanillestokken.

Tip: leg een inox pollepel in de pot, zodat de melk niet gaat koken.

Meng met een klopper de dooiers en de suiker. Klop nu de bloem onder de dooiers tot een homogeen beslag zonder klonters.

Voeg een eetlepel van de warme melk toe aan het beslag. Roer goed onder elkaar en voeg nog een lepel toe. Giet het beslag nu bij de kokende melk. Roer voortdurend met een klopper, zodat de melk niet gaat aankoeken. Roer tot het begint te koken en ‘ploppen’. Zet het vuur af en blijf nog even roeren.

Meng er de room onder. Verwijder de vanillestokken. Giet de vanillepudding in glaasjes. Dek eventueel af met plastiekfolie en laat afkoelen. Zo krijg je geen velletje.

Maak ondertussen de opgelegde kersen. Was en ontpit de kersen. Doe zeste en het sap van een sinaasappel, een kaneelstok, de honing in een kookpot. Laat kort opkoken. Meng maïzena met de helft van het (koude) water en klop alles los. Verwijder de kaneelstok. Giet het maïzenamengsel bij de siroop. Roer goed onder elkaar. Laat verder inkoken.

Voeg de kersen toe. Meng onder elkaar. Voeg de rest van het water toe en laat heel kort inkoken. Zet van het vuur. Serveer warm of giet in een weckpot en laat afkoelen.

Hak de sneetjes afgekoelde peperkoek tot een fijne crunch. Serveer de vanillepudding met de kersen en strooi er wat peperkoekcrunch over.

Croque monsieur soufflé met gezouten spek mozzarella kaas en een bloemkoolsoep

Ingrediënten

Voor de croque monsieur soufflé

  • 1wit brood
  • 4 dikke sneetjes gezouten spek
  • 200 gr mozzarella kaas
  • 1 el room
  • peper en zout
  • nootmuskaat
  • 1 ei plus 1 eidooier

Voor de bloemkoolsoep

  • 1 bloemkool
  • Zout en Peper
  • 4 el olijfolie
  • 1 l kippenbouillon
  • Gezouten pindanootjes
  • Zachte geitenkaas
  • Peterselie

Bereiding  croque monsieur:

snij 4 dikke sneden van het brood.

Rasp de kaas. Doe in een kom. Meng met een eitje. Kruid met peper, zout en. Voeg een eetlepel room en een eidooier toe. Zorg dat het een stevig mengsel is.

Smeer het kaasmengsel over de boterham. Bak het spek in een hete pan. Verwijder het zwoerd. Leg op het kaasmengsel.

Bedek een ovenschaal met een vel aluminiumfolie. Plaats een rooster van de bakplaat en leg er de croques op. Zo worden croques krokanter.

Bak 10 à 15 minuten in een voorverwarmde oven op 200 graden Celsius. Serveer dadelijk.

Voor de bloemkoolsoep:

verwijder de blaadjes van bloemkool. Hou wat van de kleine blaadjes apart voor de garnituur.

Snij roosjes van de bloemkool. Doe in een kom. Kruid de bloemkoolroosjes met peperl, fleur de sel of zeezout.

Meng met de olijfolie.

Verdeel over een stuk bakpapier op een bakplaat.

Plaats ongeveer 15 minuten in de voorverwarmde oven op 200 graden Celsius.

Pel en snij twee sjalotten fijn. Stoof aan met olijfolie in een grote pot.

Voeg de geroosterde bloemkool toe.

Blus met de kippenbouillon. Breng aan de kook. Laat kort opkoken.

Snij de kleine bloemkoolblaadjes in fijne julienne. Hak de gezouten pindanootjes grof. Snij de peterselie fijn. Mix de soep. Lepel in een kommetje. Werk af met schijfjes geitenkaas, pindanootjes, peterselie en bloemkoolblaadjes en een draai van de pepermolen.

Blanquette

Ingrediënten:

  • 500 gr. varkensstoofvlees
  • 1 ui
  • 1 grote wortel
  • 1 bouquet garni
  • 12 sjalotjes of kleine zilveruitjes
  • 70 gr boter
  • Sap van ½ citroen
  • 200 gr; champignons
  • 30 gr bloem
  • 2 eidooiers
  • 125 ml room
  • Bosje peterselie

Bereiding:

Smelt de boter in een stoofpot en bak het vlees er in Voeg ui, de wortel en bouquet garni toe en genoeg water zodat het mengsel 1 cm onder water zetten. Breng aan de kook en laat 1/2 uur stoven.

Doe de sjalotjes of uitjes met water in een pan en kook ze in ongeveer 12 minuten gaar en laat ze vervolgens uitlekken.

Meng boter, citroensap en 1 eetlepel water in dezelfde pan Roer de champignons erdoor en stoof ze 5 minuten Laat uitlekken, maar bewaar het kookvocht

Om de saus te maken haalt u het vlees uit de pan Zeef het vocht en gooi de groenten weg Bedek het vlees en houd het warm Smelt de boter in een pan. Voeg de bloem toe en bak deze 1 minuut Voeg 600 ml van het vleesvocht en al het champignonvocht toe Roer totdat de saus kookt en indikt Zeef hem na 5 minuten pruttelen

Doe de saus terug in de stoofpot Roer het mengsel van eierdooier en room erdoor (mag niet koken) Voeg de peterselie toe en breng het op smaak met zout en peper Voeg de uien en champignons aan de saus toe en zet hem op een laag vuur Leg het warme vlees op een schaal en schep de saus over het vlees.